Connect with us

Economie

Steeds meer ondernemers vragen hulp bij weinig faillissementen

Steeds meer ondernemers vragen hulp bij weinig faillissementen

Relatief weinig bedrijven failliet ondanks economische recessie

Nu de economische recessie voortduurt als gevolg van de coronacrisis, is het opmerkelijk dat er nog steeds relatief weinig bedrijven failliet gaan. Hoewel ondernemers te maken hebben met problemen als gevolg van de aanhoudende crisis, blijft het aantal faillissementen laag. Verschillende hulporganisaties zien echter een toename in het aantal ondernemers dat aanklopt om hulp te zoeken, wat aangeeft dat er toch sprake is van aanzienlijke uitdagingen voor bedrijven in deze moeilijke economische tijd.

Over Rood, een organisatie die ondernemers met problemen koppelt aan ervaren vrijwilligers, heeft in 2020 607 hulptrajecten gestart. Dit jaar staat de teller al op 1465, wat aangeeft dat steeds meer ondernemers behoefte hebben aan ondersteuning en begeleiding.

Een van de vrijwilligers bij Over Rood, Jeroen Berends, heeft zelf ervaring als ondernemer en helpt nu anderen die in de problemen zijn geraakt. Hij merkt op dat ondernemers vaak proberen om zelf hun problemen op te lossen, maar dat dit niet altijd de beste uitkomst oplevert. In veel gevallen hebben ondernemers te maken met stressvolle situaties, waarbij de hulp van anderen noodzakelijk is om tot een oplossing te komen.

De Kamer van Koophandel (KvK) ziet ook een toename in het aantal ondernemers dat zich meldt met zorgen over belastingschulden en huurachterstanden. De KvK verwijst deze ondernemers door naar organisaties als Over Rood en het Ondernemersklankbord, waar adviseurs op vrijwillige basis ondersteuning bieden.

Geldfit Zakelijk, een initiatief dat werd opgestart tijdens de coronacrisis, merkt ook een stijging in het aantal hulpvragen. Er wordt een toename gezien in het aantal ondernemers dat financiële begeleiding zoekt om hun bedrijf door deze uitdagende periode te loodsen.

Hoewel het aantal bedrijven dat omvalt sinds een jaar stijgt, is dit nog steeds beduidend lager dan tijdens eerdere recessies. Ondernemers zien zich geconfronteerd met belastingschulden als gevolg van de coronacrisis, wat in totaal neerkomt op zo’n 193.000 ondernemers. In dit opzicht is het opmerkelijk dat het aantal faillissementen niet evenredig is toegenomen.

Banken geven aan dat hun benadering ten opzichte van ondernemers met betalingsachterstanden is veranderd sinds de kredietcrisis. Ze zoeken actief naar manieren om ondernemers te helpen en zijn meer bereid om tot oplossingen te komen die faillissement kunnen voorkomen.

De MKB Hulplijn, opgericht door het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf (IMK), wordt dagelijks zo’n 200 keer gebeld door ondernemers die op zoek zijn naar ondersteuning. Ook maken wekelijks 500 ondernemers gebruik van een online scan om inzicht te krijgen in de financiële gezondheid van hun bedrijf.

Hoogleraar ondernemerschap Joris Knoben van Tilburg University merkt op dat het uitblijven van een faillissementsgolf tot nu toe verrassend is, gezien de uitdagingen waarmee veel bedrijven te maken hebben. Het aantal stoppers is echter wel aan de hoge kant, wat aangeeft dat veel bedrijven het moeilijk hebben maar er alles aan doen om faillissement te voorkomen.

Knoben waarschuwt voor te veel optimisme en benadrukt dat bepaalde sectoren, met name de horeca, een oververtegenwoordiging hebben wat betreft het risico op faillissementen.

De beschikbare hulp en ondersteuning van organisaties zoals Over Rood, de KvK en Geldfit Zakelijk, evenals veranderingen in benadering door banken, heeft mogelijk bijgedragen aan het lage aantal faillissementen. Echter, het blijft een uitdagende tijd voor veel ondernemers, waarbij het van cruciaal belang is dat er voldoende ondersteuning beschikbaar is om hen door deze moeilijke periode heen te helpen.

Update: 1 maand geleden

Lees Verder
Klik om commentaar te geven

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Economie

ING stopt in 2040 met investeren in olie- en gaswinning

ING stopt in 2040 met investeren in olie- en gaswinning

Vandaag heeft ING bekendgemaakt dat ze in 2040 geen belangen meer willen hebben in de olie- en gaswinning. Dit nieuws markeert een nieuwe koers voor de grootste bank van Nederland. De belangen zullen in 2030 met 35% worden afgebouwd, wat een significante verandering is ten opzichte van het eerdere doel van 16%. Daarnaast zal ING zich richten op het verdrievoudigen van investeringen in duurzame energie, zoals zonne- en windenergie, tot 7,5 miljard euro.

Grote impact van de beslissing

Met kantoren in veertig landen, zakendoen in honderden landen en een balanstotaal van duizend miljard euro, is ING een van de grootste financiële instellingen ter wereld. Deze aankondiging zal dan ook een grote impact hebben op de financiële wereld en de overgang naar duurzame energie wereldwijd.

Kritiek van actiegroepen

De afgelopen jaren kreeg ING veel kritiek van actiegroepen zoals Extinction Rebellion, Milieudefensie en Fossielvrij NL. Ze noemden de bank de grootste financier van fossiele brandstoffen. Actievoerders blokkeerden zelfs de ingang van het hoofdkantoor in Amsterdam en eisten dat ING “stopt met het financieren van de klimaatcrisis”.

Nieuwe koers gestuurd door klimaatovereenkomst

Steven van Rijswijk, de bestuursvoorzitter van ING, was aanwezig op de klimaattop in Dubai, waar een belangrijk akkoord werd gesloten. Van Rijswijk benadrukt dat dit akkoord leidend zal zijn voor de koers die de bank de komende jaren vaart. Hij erkent dat de wereld op weg is naar een klimaatakkoord, en benadrukt dat dit zowel goed is voor de samenleving als voor de economie.

Economische realiteit en risicobeperking

Van Rijswijk wijst op de economische realiteit van de internationale afspraken om fossiele brandstoffen af te bouwen en te investeren in duurzame energie. Hij benadrukt dat financiële instellingen ook te maken hebben met risicobeperking bij langetermijninvesteringen. Het gevaar van zogenoemde “gestrande activa”, bezit dat geen waarde meer heeft door het wegvallen van de vraag, speelt hierin een grote rol.

Afspraken met klanten

De komende jaren zal ING soortgelijke gesprekken voeren met klanten over olie en gas als eerder gebeurde over kolen. Hierbij zal worden ingezet op het verminderen van het percentage van energieopwekking door middel van olie en gas. Dit laat zien dat de bank niet helemaal zal stoppen met investeren in olie- en gasbedrijven, en dat tijd nodig is om de overgang naar duurzame energiebronnen te realiseren.

Al met al markeert de aankondiging van ING een belangrijke stap richting een duurzame toekomst, en zal het invloed hebben op de manier waarop financiële instellingen omgaan met investeringen in fossiele brandstoffen.

Update: 2 weken geleden

Lees Verder

Economie

Prijsplafond voor energie verdwijnt in 2024

Prijsplafond voor energie verdwijnt in 2024

Prijsplafond voor energie verdwijnt in 2024

De Autoriteit Consument en Markt (ACM) adviseert consumenten om een vast contract af te sluiten als ze zekerheid willen over de hoogte van hun gas- en elektratarieven na het verdwijnen van het prijsplafond voor energie. Het prijsplafond voor gas, elektriciteit en stadsverwarming houdt namelijk op te bestaan, waardoor vaste contracten momenteel goedkoper zijn dan variabele contracten. De tarieven van vaste contracten met een looptijd van 2 of 3 jaar zijn de afgelopen maand ca. 5 procent goedkoper geworden en zijn momenteel het voordeligst, aldus de ACM.

Nieuwe situatie vanaf 1 januari 2024

Gedurende een jaar waren er vaste maximumtarieven voor gas (1,45 euro per kubieke meter) en elektriciteit (0,40 euro per kilowattuur). Echter, vanaf 1 januari 2024 houdt deze regeling op, wat betekent dat huishoudens niet langer beschermd zullen zijn tegen hoge energieprijzen. De ACM benadrukt daarom het belang van het kiezen voor een vast contract met prijzen onder het prijsplafond voor huishoudens die zekerheid willen over hun energierekening. Er is echter ook een ruim aanbod van aantrekkelijk geprijsde variabele en dynamische contracten voor huishoudens die minder belang hechten aan vaste prijzen.

Onzekerheid over toekomstige energieprijzen

Het is momenteel niet mogelijk om te voorspellen of consumenten uiteindelijk goedkoper uit zullen zijn met een vast, variabel of dynamisch contract, omdat de ontwikkeling van energieprijzen in de komende jaren onbekend is. Na de inval van Rusland in Oekraïne steeg de gasprijs naar het hoogste niveau ooit, maar inmiddels is de Europese gasmarkt weer in rustiger vaarwater gekomen, waardoor verdere daling van de gasprijs mogelijk is.

Verschil tussen vaste, variabele en dynamische contracten

Bij een vast contract gelden gedurende een bepaalde periode (vaak 1, 2 of 3 jaar) dezelfde energietarieven, waardoor consumenten zekerheid hebben over hun tarieven. Echter, het contract kan niet voortijdig opgezegd worden, wat een nadeel kan zijn als de variabele tarieven dalen en lager zijn dan die van het vaste contract. Bij variabele contracten kan het energiebedrijf de tarieven aanpassen, maar consumenten kunnen altijd kosteloos overstappen naar een andere leverancier. Bij dynamische contracten verandert de prijs voortdurend, waardoor consumenten op bepaalde tijden veel of juist weinig elektriciteit kunnen gebruiken.

Waarschuwing voor tarieven boven het prijsplafond

Ruim 6 procent van de huishoudens heeft momenteel een contract bij aanbieders met tarieven boven het prijsplafond, wat volgens de ACM een risico kan vormen na het verdwijnen van het prijsplafond voor energie. De ACM zal de energietarieven in de gaten blijven houden via de maandelijkse Monitor Consumentenmarkt Energie.

Al met al is het belangrijk voor consumenten om zich bewust te zijn van de aankomende veranderingen in de energiemarkt en zorgvuldig te overwegen welk contract het beste aansluit bij hun behoeften en financiële situatie.

Update: 4 weken geleden

Lees Verder

Economie

EU bereikt akkoord om vernietiging onverkochte kleding te stoppen

EU bereikt akkoord om vernietiging onverkochte kleding te stoppen

Het Europees Parlement en de Europese Raad hebben een akkoord bereikt om een einde te maken aan het vernietigen van onverkochte kleding en schoenen. De EU hoopt met deze nieuwe regels een verandering af te dwingen in de kledingindustrie.

Nederlandse problematiek

Jaarlijks blijkt uit cijfers van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat dat zo’n 6 procent van alle kleding in Nederland niet verkocht wordt. Een deel van deze onverkochte kleding eindigt in de verbrandingsoven of de versnipperaar, wat in 2015 naar schatting om 1,2 miljoen kledingstukken per jaar ging.

Grote veranderingen op komst

Hoewel het akkoord nog moet worden goedgekeurd door de EU-lidstaten en het voltallige EU-parlement, wordt dit gezien als een formaliteit. Grote kledingbedrijven krijgen vervolgens twee jaar de tijd om hun bedrijfsvoering aan te passen, terwijl middelgrote bedrijven een aanpassingsperiode van zes jaar krijgen.

Duurzame productie

Naast het stoppen van de vernietiging van onverkochte kleding, zullen er ook regels komen die producenten moeten aanzetten tot het maken van producten die langer meegaan en waarvan het makkelijker is om ze te repareren. Ook moet het makkelijker worden om producten te recyclen. Daarnaast zullen er regels komen die het gebruik van grondstoffen, energie en water tijdens de productie moeten verlagen.

De toekomst van de kledingindustrie

“Het is tijd om een einde te maken aan het model van ‘neem, maak, gooi weg’, dat is zo schadelijk voor onze planeet, onze gezondheid en onze economie,” zegt het Italiaanse parlementslid Alessandra Moretti, die de kar trok rond deze regelgeving in het parlement. “Duurzame producten zullen de norm worden.”

Dit akkoord markeert een grote stap in de richting van een meer duurzame kledingindustrie in de Europese Unie. Met strengere regels omtrent productie, verkoop en afvalverwerking, wordt er gehoopt dat de mode-industrie een positieve bijdrage zal leveren aan het behoud van het milieu en de circulaire economie.

Update: 4 weken geleden

Lees Verder

Populair